arrow_drop_up arrow_drop_down
22 mei 2018 

Drie manieren om je woningvoorraad flexibel in te zetten

De woningmarkt is continu in beweging. Als corporatie is het belangrijk om in te spelen op de ontwikkelingen in de markt en een woningvoorraad te creëren die flexibel en toekomstbestendig is.

Download gratis het e-boek: ’11 tips over strategisch voorraadbeleid’

Er zijn drie manieren om als corporatie op een flexibele manier je woningvoorraad in te zetten.

Bestaande woningen geschikter maken voor nieuwe doelgroepen

In de eerste plaats kun je je woningvoorraad flexibiliseren door te kijken naar de bestaande woningvoorraad. Hoe kunnen eventuele nieuwe doelgroepen hierin gehuisvest worden? Denk bijvoorbeeld aan mensen die extra begeleiding of zorg nodig hebben. Vaak is het zo dat, hoeveel nieuwe woningen je ook zult bouwen, deze zogenoemde ‘rugzakjes’ in woningen gehuisvest worden die er nu al staan.

Het is dus slim om flexibilisering eerst te zoeken in de bestaande woningvoorraad. Hoe kun je bestaande woningen bijvoorbeeld geschikter maken om zorg in te verlenen? Is het mogelijk om rondom een bewoner de zorg zo te organiseren dat hij in een bestaande woning kan blijven wonen? En welke begeleiding kun je hier als corporatie in bieden?

Download gratis het e-boek: ’11 tips over strategisch voorraadbeleid’

Integraal naar je woningvoorraad kijken

Ten tweede kun je kijken naar de bouwstromen binnen je gehele woningvoorraad. Dit is te vergelijken met de manier waarop je naar leningen kijkt binnen je treasurymanagement.

Zoals je niet wilt dat er in korte tijd veel leningen tegelijkertijd aflopen, zo wil je ook niet dat je hele woningvoorraad op precies hetzelfde moment rijp is voor groot onderhoud en/of de sloophamer. Door hier strategisch mee om te gaan kun je flexibeler inspelen op de woningbehoefte van vandaag en morgen.

Stel dat bijvoorbeeld uit demografische analyses blijkt dat er op korte termijn nog nieuwe woningen nodig zijn, maar dat het aantal huishoudens over 20 tot 30 jaar gaat dalen. Je bent wellicht geneigd om dan vraagtekens te plaatsen bij nieuwbouw op korte termijn, omdat deze woningen daarna nog minimaal 50 jaar rendabel te exploiteren moeten zijn.

Je kunt hier ook anders naar kijken.

Wanneer je voldoende woningen die over 20 tot 30 jaar ‘uit exploitatie lopen’, kun je ervoor kiezen om vandaag nieuwe woningen te bouwen en als de woningbehoefte minder wordt andere woningen af te stoten. Zo nuanceer je dat je nu woningen alleen woningen kunt bouwen wanneer die nog 50 tot 100 jaar in een behoefte voorzien.

Download gratis het e-boek: ’11 tips over strategisch voorraadbeleid’

Kleine doelgroep voor flexibele vormen van bouwen

De derde manier is gebruik maken van flexibele vormen van bouwen. Dan heb je het over tiny houses en andere tijdelijke woonvormen die niet voor 50 of 100 jaar bedoeld zijn. De doelgroep voor deze flexibele vormen van bouwen, is vaak erg klein. Of er echt markt voor is moet blijken uit een omgevingsanalyse.

Het beste is om het flexibiliseren van de woningvoorraad volgens de genoemde volgorde te doen. Dus eerst kijk je voor elke doelgroep of het in de bestaande voorraad kan worden opgelost. Zo niet, kun je specifiek voor een doelgroep nieuw bouwen en nu of later ergens anders desinvesteren. Als dat dat ook niet kan, kun je kiezen voor meer flexibele vormen van nieuwbouw.

Download gratis het e-boek: ’11 tips over strategisch voorraadbeleid’

Over de schrijver
Ritske heeft 14 jaar ervaring met het ontwikkelen van strategie en beleid voor corporaties. Zijn missie is om beleidsmedewerkers en andere corporatiestrategen te helpen in minder tijd beleid te maken met meer draagvlak bij de uitvoerders en meer impact op de doelgroep. Hij vindt het leuk wanneer je reageert op zijn artikelen :-).
Reactie plaatsen

Cookies