Wat is het OTB model voor strategisch voorraadbeleid?

Het OTB-model voor strategisch voorraadbeleid is ontwikkeld door Henk Heeger van het Onderzoeksinstituut OTB. Het OTB-model voor strategisch voorraadbeleid maakt het proces om tot een goed en gedragen strategisch voorraadbeleidsplan te komen inzichtelijk.

In het OTB-model worden de verschillende schaalniveaus weergegeven waarop het voorraadbeleid betrekking heeft: het portefeuilleniveau, gebiedsniveau, complexniveau en woningniveau. Deze schaalniveaus lopen in de praktijk bijna altijd door elkaar heen. De schaalniveaus zijn met elkaar verbonden. Wanneer er een aanpassing wordt gedaan op het ene niveau, moet er ook gekeken worden of dit consequenties heeft voor de andere niveaus.

OTB model vastgoedsturing strategisch voorraadbeleid
Alles over Vastgoedsturing lees je in het e-boek 'Vastgoedsturing: 7 praktische tips voor woningcorporaties' (PDF).

Volgens het artikel 'Strategisch voorraadbeleid bij woningcorporaties' is het OTB-model gebaseerd op een Plan-Do-Check-Act-cyclus.

Alle schaalniveaus kennen dezelfde fasering:
  • Fase 1: Analyse
  • Fase 2: Doelstellingen en strategieën
  • Fase 3: Voorspellen en toetsen
  • Fase 4: Uitwerken tot plan
  • Fase 5: Monitoren en evalueren

Missie en visie van de corporatie

De missie en visie van een corporatie zijn bepalend voor het gehele voorraadbeleid. Op dit niveau worden keuzes gemaakt over doelgroepen, werkgebied, producten en organisatie.
Alles over Vastgoedsturing lees je in het e-boek 'Vastgoedsturing: 7 praktische tips voor woningcorporaties' (PDF).

Portefeuilleniveau

In de analyse komen alle relevante factoren aan bod. Zo wordt er ingegaan op de woningmarkt en het werkgebied van de corporatie. Daarnaast kijkt men naar de kenmerken van de huidige woningvoorraad en de woonbehoefte van de doelgroep nu en in de toekomst.

Op basis van de analyse worden doelstellingen en strategieën geformuleerd. Meestal worden meerdere strategieën uitgewerkt, waaruit later gekozen kan worden. Voorbeelden van strategieën kunnen zijn:
  • Meer of minder eengezinswoningen.

  • Meer of minder woningen voor senioren.
  • Uitbreiding of inkrimping van het werkgebied.
  • Of een corporatie al dan niet actief is in het niet-Daebsegment.

Vervolgens worden voorspellingen gedaan over de mogelijke gevolgen van de uitvoering van de geformuleerde strategieën. Wat zijn de kosten en baten en zullen deze strategieën leiden tot het realiseren van de doelstellingen?

De gekozen strategieën worden uitgewerkt tot een portefeuilleplan.

De fase van verankeren, uitvoeren en communiceren houdt de implementatie van het beleid in. Tijdens deze fase moet veel aandacht besteed worden aan het vertalen van het beleid van papier naar de daadwerkelijke uitvoering ervan.

Ten slotte wordt de invoering gemonitord en worden de resultaten geëvalueerd. Wanneer hieruit blijkt dat er dingen anders moeten, worden zaken aangepast en gaat de corporatie één of meerdere stappen terug in de cyclus.

Gebiedsniveau

Met gebiedsniveau wordt een deel van het totale bezit van de corporatie bedoeld. Bijvoorbeeld alle woningen die een corporatie bezit in één wijk. De maatregelen die een corporatie neemt op complexniveau, kunnen invloed hebben op het hele gebied. Ook kunnen ontwikkelingen in het gebied invloed hebben op de toekomst van de complexen.

Het is de laatste jaren daarom gebleken dat het nuttig is om als corporatie gebiedsplannen te ontwikkelen, waarin visies en strategieën voor een bepaald gebied vastgesteld worden. Dit gebiedsplan kan worden ontwikkeld en uitgevoerd volgens de fasen van het OTB-model.
Alles over Vastgoedsturing lees je in het e-boek 'Vastgoedsturing: 7 praktische tips voor woningcorporaties' (PDF).

Complexniveau

Op complexniveau worden dezelfde stappen doorlopen als op de andere niveaus. Per complex worden sterkte-zwakteanalyses gemaakt en worden complexen met elkaar vergeleken. In de fase van doelstellingen en strategieën ligt de nadruk op het ontwikkelen van mogelijke strategieën. Op basis daarvan worden voorspellingen gedaan aan de hand van exploitatieberekeningen en toetsing aan portefeuille- en gebiedsstrategieën.

Uiteindelijk ontstaan er complexplannen. Voor de implementatie hiervan is het belangrijk om gedurende het hele proces draagvlak te creëren op alle niveaus in de organisatie van de corporatie. Bij de uitvoering van complexbeheerplannen zijn onder meer woonconsulenten, mutatieopzichters, huismeesters, maar ook projectleiders betrokken.

Woningniveau

Het is niet nodig om voor elke woning een apart plan te maken. Wel is het van belang om uitzonderingen binnen complexen in kaart te hebben. Is de woning bijvoorbeeld geschikt voor een andere doelgroep dan de rest van de woningen binnen het complex? Dan kan het nuttig zijn om voor deze woning een aparte strategie te ontwikkelen.

Meer over strategisch voorraadbeleid…
Alles over Vastgoedsturing lees je in het e-boek 'Vastgoedsturing: 7 praktische tips voor woningcorporaties' (PDF).
Reactie plaatsen